KNX Dimmen

Met KNX dimactoren dim je verlichting centraal en volledig geïntegreerd binnen een KNX-installatie. KNX dimmen maakt het mogelijk om de lichtsterkte van ledverlichting, halogeenverlichting en andere dimbare lichtbronnen nauwkeurig te regelen via KNX drukknoppen, tastsensoren, touchscreens, apps, tijdschema’s, scènes en geavanceerde automatiseringen. Zo creëer je altijd de gewenste sfeer en combineer je optimaal comfort met energiebesparing.

Het assortiment omvat zowel faseafsnijdings- en faseaansnijdingsdimmers voor directe aansturing van dimbare lichtkringen als KNX DALI-actuatoren voor professionele DALI- en DALI-2 verlichtingsinstallaties. Afhankelijk van het model zijn uitvoeringen beschikbaar voor 1-voudige, 2-voudige, 4-voudige en meerkanaals toepassingen, inclusief ondersteuning voor Tunable White, RGB en RGBW verlichting bij geschikte DALI-2 oplossingen.

Veel KNX dimactoren beschikken over functies zoals scènebediening, zachte dimcurves, centraal dimmen, trappenhuisfuncties, statusindicatie, handbediening op de module en uitgebreide diagnosemogelijkheden. Alle dimactoren worden aangesloten op de KNX TP-bus en volledig geconfigureerd met ETS-software, zodat iedere dimkring nauwkeurig kan worden afgestemd op de gebruikte verlichting en de gewenste bediening. Zo realiseer je een flexibele, energiezuinige en toekomstbestendige oplossing voor het dimmen van verlichting binnen jouw KNX Smart Home of professionele gebouwautomatiseringsinstallatie.

 

KNX

KNX dimmen: traploos licht, en welke dimmer bij jouw verlichting past

Dimmen is de functie waar in een woning het meeste plezier aan te beleven valt, en tegelijk de functie waar het het vaakst misgaat. Niet omdat KNX ingewikkeld is, maar omdat moderne ledverlichting zich anders gedraagt dan de gloeilamp waar dimmers ooit voor bedacht zijn.

Bij KNX zit de dimmer niet in de wand maar in de meterkast, op de DIN-rail. De knop stuurt alleen een bericht; het apparaat in de verdeler regelt de lichtsterkte. Daardoor kun je later ook veranderen welke knop welke lamp dimt, zonder een draad te verleggen.

Er zijn drie manieren om te dimmen, en welke bij je past hangt af van je verlichting. Dat onderscheid staat hieronder als eerste, want daar begint elke goede keuze.

  • Dimmer in de meterkast
  • Drie manieren om te dimmen
  • Let op het minimumvermogen

Drie manieren om te dimmen

Ze doen alle drie hetzelfde voor jou, namelijk het licht zachter maken. Technisch zijn het volstrekt verschillende oplossingen, met elk hun eigen soort verlichting en hun eigen bedrading.

Manier Hoe het werkt Waarvoor je hiervoor kiest
Standaard dimmen Een dimactor knijpt de netspanning zelf af. De lamp hangt er rechtstreeks aan, met alleen de gewone 230 volt draad ertussen Gewone dimbare ledlampen, halogeen en armaturen met een trafo. Verreweg de meest gebruikte oplossing in een woning
DALI Digitale aansturing over een eigen tweedraadsbus naast de netspanning. Afhankelijk van het apparaat stuur je per zone of per armatuur Veel losse armaturen, kleurregeling of instelbaar wit. De nette oplossing bij een woning met veel inbouwspots
1-10 volt Het armatuur heeft een eigen voorschakelapparaat dat naar een stuursignaal luistert. Het apparaat in de meterkast schakelt daarnaast de 230 volt Armaturen met een 1-10 volt of 0-10 volt ingang. Je ziet dit vooral in bestaande en zakelijke installaties

De waarden hierboven zijn bedoeld om je op weg te helpen. Kijk voor de exacte gegevens altijd in de handleiding van het product zelf, of vraag het ons even na.

Zo kies je snel. Heb je gewone dimbare ledlampen aan een 230 volt draad, dan is een dimactor de juiste. Staat op je armatuur of driver het woord DALI, dan hoort daar een DALI-apparaat bij. Zie je twee dunne stuurdraadjes naast de 230 volt met de aanduiding 1-10 V of 0-10 V, dan is dat de derde route.

Dit bepaal je bij de bouw, niet achteraf. Bij een dimactor loopt er alleen 230 volt naar het armatuur. Bij DALI moet er een extra tweedraads busje naartoe. Dat is geen dikke kabel en hij mag in dezelfde mantel, maar hij moet er wel liggen. Weet je nu al dat je richting DALI wilt, zeg het dan voordat de wanden dichtgaan.

De dimactor: let op het minimumvermogen

Een dimactor heeft niet alleen een maximum maar ook een minimum. En bij ledverlichting is dat minimum het probleem, niet het maximum. Een kanaal van 225 watt vol krijgen met ledspots lukt je niet; onder de ondergrens zakken lukt juist heel makkelijk.

Uitvoering Vermogen per kanaal Vanaf hoeveel watt hij werkt
Eén kanaal, zwaar Gloeilamp en halogeen van 20 tot 500 watt, elektronische trafo tot 500 VA Vanaf 20 watt. Bedoeld voor één zware groep, bijvoorbeeld een grote woonkamer of de buitenverlichting
Twee kanalen Twee keer ongeveer 300 watt Vanaf 20 watt. Voor twee lichtgroepen, als je geen vier kanalen nodig hebt
Vier kanalen, universeel Gloeilamp en halogeen 20 tot 225 watt, dimbare led tot ongeveer 200 watt Vanaf 20 watt. De klassieke maat: vier lichtgroepen in een woning
Vier kanalen, uitgebreid Dezelfde vermogens, met meer scènes, eigen logica en de mogelijkheid kanalen te koppelen Vanaf 20 watt. Voor wie logica in de actor zelf wil, of een groep heeft die niet op één kanaal past
Vier kanalen, zelflerend Vier keer 300 watt, met KNX Secure Meet bij het inschakelen wat eraan hangt en kiest zelf hoe hij dimt
Speciale led-dimmer, twee tot zes kanalen Twee, vier of zes kanalen van ongeveer 210 watt Vanaf 2 watt. Dit is het verschil dat telt: hiermee dim je ook een groepje van twee of drie spots

De waarden hierboven zijn bedoeld om je op weg te helpen. Kijk voor de exacte gegevens altijd in de handleiding van het product zelf, of vraag het ons even na.

Een speciale led-dimmer lost dat op. Waar een gewone universele dimactor pas vanaf 20 watt betrouwbaar werkt, begint een led-dimmer al bij 2 watt. In een woning vol ledspots met kleine groepjes van twee of drie lampen is dat het verschil tussen wel en niet werken. Ze herkennen de last automatisch en je kunt kanalen aan elkaar koppelen als één groep te zwaar wordt.

Meng geen soorten op één kanaal. Ledspots samen met een halogeenlamp aan dezelfde uitgang is vragen om problemen, want een kanaal kan maar één manier van dimmen gebruiken. Houd per uitgang één soort verlichting aan.

Ook de bovenkant heeft een grens. Een dimactor wordt warm en schakelt zichzelf uit als het te heet wordt. Zit je met een groep tegen het maximum aan, verdeel dan liever over twee kanalen dan dat je precies op de grens gaat zitten.

Ledverlichting haalt het minimum vaak niet. Drie ledspots van 5 watt zijn samen 15 watt. Hangt dat aan een kanaal dat pas vanaf 20 watt betrouwbaar werkt, dan gaat het flikkeren, blijft het licht zwak nagloeien of gaat het helemaal niet aan. Reken dus per groep uit hoeveel watt er werkelijk hangt.

RLC dimmen: fase-aansnijding en fase-afsnijding

Een dimmer maakt het licht niet zachter door minder spanning te geven. Hij knipt honderd keer per seconde een stukje uit de wisselspanning weg. Hoe groter het stukje dat hij weghaalt, hoe zachter het licht.

Waar hij dat stukje weghaalt, aan het begin of aan het eind van elke golf, bepaalt met welke lampen hij overweg kan. Vandaar de letters R, L en C die je op dimmers ziet staan.

  • R is een gewone weerstand

    Gloeilampen en halogeenlampen. De eenvoudigste soort: er zit alleen een draadje in dat gloeit. Deze lampen kunnen met beide manieren van dimmen overweg, dus hier gaat het nooit mis.

  • L is een spoel

    De ouderwetse wikkeltransformator, dat zware blok met koperdraad dat vaak bij inbouwspots van 12 volt zat. Die wil dat de dimmer het begin van de golf weghaalt. Doe je dat andersom, dan gaat hij brommen en kan hij oververhit raken.

  • C is een condensator

    Elektronische transformatoren en zo goed als elke led-driver. Die willen juist dat de dimmer het eind van de golf weghaalt. Precies omgekeerd dus, en dat is waarom dit fout kan gaan.

Wat je op de dimmer ziet Wat de dimmer doet Waar hij voor bedoeld is
RL, of fase-aansnijding Hij haalt het begin van elke golf weg en schakelt halverwege in Gloeilampen, halogeen en wikkeltransformatoren. De oudste manier, en de reden dat oude dimmers slecht met led overweg kunnen
RC, of fase-afsnijding Hij begint bij het begin van de golf en knipt het eind eraf Gloeilampen, halogeen, elektronische transformatoren en veruit de meeste dimbare ledverlichting
RLC, universeel of zelflerend Hij meet bij het inschakelen wat eraan hangt en kiest zelf de juiste manier Alles. Dit is wat de dimactoren op deze pagina doen, en het is de reden dat je zelf niets hoeft uit te zoeken

De waarden hierboven zijn bedoeld om je op weg te helpen. Kijk voor de exacte gegevens altijd in de handleiding van het product zelf, of vraag het ons even na.

Het principe bepaalt hoeveel led je erop kwijt kunt. Dat is geen theorie. Bij een universele dimactor mag er op fase-aansnijding vaak maar zo'n 35 watt aan ledlampen hangen, terwijl dat op fase-afsnijding oploopt tot rond de 200 watt. Zelfde apparaat, zelfde kanaal, bijna zes keer zoveel verlichting. Daarom stellen deze dimmers zich bij led ook het liefst op afsnijding in.

Bij KNX hoef je hier meestal niets mee. De dimactoren die wij verkopen zijn universeel of zelflerend: ze meten wat er hangt en stellen zichzelf in. Je installateur kan het principe wel handmatig vastzetten, en dat is soms nodig als de automatiek er bij een gemengde groep niet uitkomt.

Kijk op de doos van je lamp. Fabrikanten van ledlampen geven aan of hun lamp geschikt is voor fase-aansnijding, fase-afsnijding of allebei. Twijfel je, stuur ons dan het type lamp of de driver, dan zoeken wij op of het samengaat met de dimactor die je op het oog hebt.

Verkeerd gekozen merk je meteen. Een wikkeltrafo op afsnijding gaat hoorbaar brommen en wordt te warm. Een led-driver op aansnijding gaat flikkeren, dimt maar tot de helft, of geeft er na een paar maanden de brui aan. Dit gaat niet langzaam mis: je hoort of ziet het de eerste avond al.

DALI: elk armatuur zijn eigen adres

DALI is een aparte digitale bus voor verlichting. Er loopt naast de netspanning een tweedraads busje naar elk armatuur, en het apparaat in de meterkast praat daarover met de drivers. Dat klinkt als een extra laag, maar het lost precies de problemen op die een dimactor niet kan oplossen.

  • Geen minimumvermogen Het gedoe met te weinig watt op een kanaal speelt hier niet. Een enkele ledspot dimt net zo netjes als een hele rij.
  • Je rekent in drivers Het DALI-adres zit in de driver en niet in de lamp. Achter één driver kunnen meerdere spots hangen, dus dertig spots kunnen best maar tien adressen zijn.
  • Groepen en scènes Bij een gateway zestien tot tweeëndertig groepen per DALI-lijn, afhankelijk van het merk, waarbij een driver in meerdere groepen tegelijk mag zitten.
  • Instelbaar wit Verlichting die overdag koeler en 's avonds warmer wordt, inclusief dim-to-warm en een verloop dat de dag volgt.
  • Kleur Ook RGB en RGBW met kleurcycli, aangestuurd vanuit dezelfde installatie als je gewone verlichting.
  • Voeding zit erin De DALI-bus heeft een eigen kleine voeding nodig, en die zit bij deze apparaten ingebouwd. Je hoeft er dus geen apart kastje voor.
  • Noodverlichting Er zijn uitvoeringen die met noodverlichtingsconverters werken en functietesten, duurtesten en de accustatus kunnen opvragen.
  • Terugmelding per driver Een gateway weet welke driver niet meer reageert. Bij een plafond vol spots scheelt dat zoeken.
  • Handbediening Ook zonder bus te bedienen, en met broadcast te gebruiken zolang de installatie nog niet geprogrammeerd is.
Uitvoering Wat het is Waarvoor je hiervoor kiest
Actor met broadcast, vier zones Vier losse DALI-lijnen, elk als geheel aangestuurd, met rond de 40 drivers per lijn Een woning waarin je per zone wilt dimmen en de indeling vaststaat. Geen adresseerwerk
Gateway met broadcast, acht zones Acht losse DALI-lijnen, met ongeveer 16 drivers per lijn Als je meer zones wilt maar nog steeds geen adressen wilt toewijzen
Gateway met één lijn Eén DALI-lijn waarin elke driver een eigen adres krijgt, tot 64 stuks Als je per armatuur wilt kunnen sturen en groepen in software wilt maken
Gateway met twee lijnen Twee volledige DALI-lijnen in één apparaat Grotere installaties, of als je meer armaturen hebt dan er op één lijn passen
Basic-uitvoering Schakelen en dimmen, zonder kleur Gewoon wit licht dat gedimd moet kunnen worden. De voordeligste gateway
Colour- of Premium-uitvoering Ondersteunt instelbaar wit en gekleurde verlichting Verlichting die met de dag meeverandert, of gekleurde verlichting
Uitvoering met noodverlichting Werkt met noodverlichtingsconverters en kan die testen Woningen en gebouwen waar noodverlichting periodiek getest moet worden

De waarden hierboven zijn bedoeld om je op weg te helpen. Kijk voor de exacte gegevens altijd in de handleiding van het product zelf, of vraag het ons even na.

Wanneer is DALI de moeite waard? Bij veel losse armaturen, bij inbouwspots waarvan je de indeling nog niet zeker weet, en bij alles wat met kleur of kleurtemperatuur te maken heeft. Ook als je groepjes van twee of drie spots hebt, want dan loop je bij een gewone dimactor tegen het minimumvermogen aan.

Let op: DALI vraagt een extra draadje. Naast de 230 volt loopt er een tweedraads DALI-bus naar elk armatuur. Die is niet gepolariseerd en mag in dezelfde mantel, maar hij moet er liggen. Bij nieuwbouw is dat een kleine moeite; achteraf is het meestal geen optie meer.

Broadcast of geadresseerd: DALI-actor tegenover DALI-gateway

Binnen DALI zijn er twee soorten apparaten, en daar zit een fors prijsverschil tussen. Meestal staat het gewoon in de naam: bij een actor hoort broadcast, bij een gateway hoort adressering. Al zijn er ook gateways die broadcast doen, dus lees de omschrijving even door.

Broadcast betekent dat iedereen op die DALI-lijn hetzelfde bevel krijgt. Geadresseerd betekent dat elk voorschakelapparaat een eigen nummer heeft en alleen naar zichzelf luistert. Dat bepaalt hoe je moet bekabelen, hoeveel inregelwerk erbij komt en wat je later nog kunt veranderen.

Punt van verschil Met broadcast Met adressering
Hoe een groep ontstaat Door de bekabeling. Alles aan dezelfde DALI-lijn doet hetzelfde In de software. Je maakt groepen in ETS, ongeacht hoe de kabel loopt
Aantal groepen Gelijk aan het aantal kanalen van het apparaat, meestal vier of acht Zestien tot tweeëndertig groepen per lijn, afhankelijk van het merk, en een driver mag in meerdere groepen tegelijk zitten
Aantal drivers Rond de 40 per lijn bij vier zones, ongeveer 16 per lijn bij acht zones Tot 64 drivers per DALI-lijn. Achter elke driver kunnen meerdere spots hangen
Inbedrijfstelling Geen adressen toewijzen. Aansluiten, kanaal kiezen en klaar Elk voorschakelapparaat krijgt een adres. Dat is extra werk voor je installateur
Een defecte driver vervangen Nieuwe erin en hij doet meteen mee De vervanger moet het juiste adres krijgen. Bij sommige gateways kan dat tijdens bedrijf zonder ETS
Eén armatuur apart aansturen Niet mogelijk. Wil je één spot los, dan moet die aan een eigen kanaal hangen Wel mogelijk. Elk armatuur is afzonderlijk aan te sturen
Kabelwerk Per zone een eigen DALI-lijn terug naar de verdeler Eén DALI-lijn die je door de hele verdieping kunt doorlussen
Prijs Duidelijk lager. De betaalbare manier om DALI-verlichting aan KNX te hangen Hoger, plus het inregelwerk. Je betaalt voor flexibiliteit die je niet altijd nodig hebt

De waarden hierboven zijn bedoeld om je op weg te helpen. Kijk voor de exacte gegevens altijd in de handleiding van het product zelf, of vraag het ons even na.

Wanneer is broadcast genoeg? Vaker dan je zou denken. In een woning wil je meestal per ruimte of per zone dimmen en niet per spot. Woonkamer, keuken, hal en eetgedeelte, elk met een eigen rij spots: dat zijn vier zones. Heb je er meer, dan is er ook een uitvoering met acht zones.

Wanneer heb je adressering nodig? Als je nog niet weet hoe de indeling wordt, als je later wilt kunnen wisselen zonder een kabel te verleggen, of als één armatuur apart moet kunnen. Ook bij grotere installaties, want 64 apparaten op één doorgeluste lijn bekabelt eenvoudiger dan een aparte lijn per zone.

Bij broadcast bepaalt de kabel je indeling, en die ligt straks in de muur. Besluit je over twee jaar dat de eetkamerspots los moeten van de woonkamerspots, dan gaat dat alleen met een nieuwe kabel. Weet je het nog niet zeker, dan is een gateway met adressering de veiligere keuze.

Wat betekenen DALI-2, Basic, Premium en apparaattype 8?

Aanduidingen die je op elke DALI-verpakking tegenkomt en die bepalen of iets samenwerkt en wat je ermee kunt.

  • DALI De oorspronkelijke standaard. Zorgt dat een driver en een besturing van verschillende merken elkaar begrijpen bij schakelen en dimmen.
  • DALI-2 De uitbreiding daarop, met strengere certificering en ruimte voor sensoren en bedieningen op dezelfde bus. Een DALI-2 apparaat werkt doorgaans ook met gewone DALI-drivers.
  • Apparaattype 8, ook DT8 genoemd De aanduiding voor kleur. Dit heb je nodig voor instelbaar wit en voor RGB of RGBW. Staat DT8 er niet bij, dan kun je alleen dimmen.
  • Basic Een uitvoering die schakelt en dimt, zonder kleur. Voor gewoon wit licht is dat precies genoeg en het scheelt in prijs.
  • Premium of Colour De uitvoering met kleur en instelbaar wit erbij, en meestal ook meer mogelijkheden in de programmering.
  • De DALI-kabel Twee aders naast de netspanning, niet gepolariseerd, en hij mag in dezelfde mantel. Geen bijzondere kabel dus, maar hij moet er wel liggen.

DT8 moet aan beide kanten kloppen. Verlichting die overdag koeler en 's avonds warmer wordt, vraagt apparaattype 8 in zowel de driver als het apparaat in de meterkast. Koop je een driver zonder DT8, dan kun je die alleen dimmen, hoe geschikt je gateway ook is. Controleer dat dus bij allebei voordat je bestelt.

1-10 volt en 0-10 volt: wat is het verschil?

De oudste van de drie manieren, en nog steeds veel gebruikt. Het armatuur heeft een eigen voorschakelapparaat dat naar een stuurspanning luistert. Bij het laagste signaal staat het licht op zijn zwakst, bij 10 volt op vol.

Je komt beide aanduidingen tegen en fabrikanten gebruiken ze door elkaar. Het praktische verschil: bij 1-10 volt gaat de lamp met het stuursignaal alleen naar zijn laagste stand en niet uit. Daarom zit er bij deze apparaten altijd een relais in dat de 230 volt onderbreekt.

  • Twee taken in één apparaat De besturingseenheid stuurt niet alleen het stuursignaal, maar schakelt ook de 230 volt naar het armatuur. Dat scheelt een aparte schakelactor in je verdeler.
  • Stevig relais Het schakeldeel doet tot 16 ampère bij 230 volt, dus daar kan een flinke groep verlichting op.
  • Veel armaturen per kanaal Op één stuuruitgang kun je een flink aantal voorschakelapparaten aansluiten, bij sommige uitvoeringen tot vijftig. Ze doen dan wel allemaal precies hetzelfde.
  • Scènes en tijdfuncties Standen per kanaal, plus in- en uitschakelvertraging en een trappenhuisfunctie.
  • Handbediening Op het apparaat zelf te bedienen, met een mechanische standaanduiding zodat je ziet wat er open staat.
  • Twee tot acht kanalen Verkrijgbaar in verschillende maten, zodat je niet meer kanalen koopt dan je nodig hebt.

Waarom is dit niet uitgestorven? Omdat het eenvoudig is en in veel bestaande armaturen zit. Bouw je nieuw en heb je de keuze, dan is DALI de betere: die stuurt per armatuur en meldt ook terug of er iets kapot is. Vervang je armaturen in een bestaand pand, dan is 1-10 volt vaak de praktische oplossing.

Alles op één kanaal doet hetzelfde. Anders dan bij DALI is dit een stuursignaal voor de hele groep. Wil je per armatuur kunnen sturen, dan heb je per armatuur een kanaal nodig, en dan is DALI vrijwel altijd voordeliger.

Dimmen per merk: Gira, ABB, Jung en Hager

Kort wat je van elk merk kunt verwachten, zodat je weet waar je naar kijkt. Achter elke merknaam vind je alles van dat merk bij elkaar, dus dimactoren, DALI en 1-10 volt in één overzicht.

  • Gira

    De breedste lijn: dimactoren in één, twee en vier kanalen, een DALI-actor met broadcast, DALI-gateways met kleur en instelbaar wit, een uitvoering met noodverlichtingsfuncties en de besturingseenheid voor 1-10 volt. Bij de vierkanaals dimactor kies je tussen Standard, die ook met Gira One werkt, en Komfort, met meer scènes en eigen logica.

  • ABB Busch-Jaeger

    Sterk in dimactoren: twee, vier en zes kanalen, en dat zijn echte led-dimmers die al vanaf twee watt werken. Op DALI-gebied zowel een voordelige Basic-gateway als een Premium-uitvoering met kleur, plus een broadcast-gateway met acht zones. Ook de schakel- en dimactoren voor 0-10 volt komen hiervandaan.

  • Jung

    Speciale led-dimmers in twee en vier kanalen, waarbij je het dimprincipe ook handmatig kunt vastzetten als de automatiek er niet uitkomt. Daarnaast de DALI-kant, zowel de voordelige actoren met broadcast als de gateways met volledige adressering, en een stuureenheid voor 1-10 volt. Alles KNX Secure.

  • Hager

    Een zelflerende dimmer met vier kanalen van 300 watt en een DALI-gateway met instelbaar wit, allebei KNX Secure. Zelflerend betekent dat het apparaat bij het inschakelen meet wat eraan hangt en zelf de juiste manier van dimmen kiest.

Je hoeft niet één merk aan te houden. KNX is een open standaard, dus een dimactor van het ene merk luistert prima naar een tastsensor van het andere. Waar je wél aan het merk vastzit, zijn de eigen systemen die ernaast bestaan, zoals Gira One.

Zoek je iets wat er niet bij staat? Wij kunnen vrijwel het hele assortiment van deze merken leveren, ook artikelen die niet in de webshop staan. Laat weten wat voor verlichting je hebt, dan zoeken we uit wat erbij past.

Wat kan een dimactor zelf?

Net als bij de schakelactoren zit er meer in het apparaat dan je zou denken. Handig, want dat werkt ook door als er verder niets aanstaat.

  • Scènes Standen die met één bericht worden opgeroepen. Bij de uitgebreide uitvoeringen tot 64 per kanaal.
  • Trappenhuisfunctie Licht dat na een ingestelde tijd vanzelf uitgaat, met een waarschuwing vlak voordat het gebeurt.
  • Zacht aan en zacht uit Het licht langzaam laten opkomen en weer wegzakken in plaats van hard schakelen.
  • Logische functies De uitgebreide uitvoeringen hebben zelfstandige logische functies met poorten, omzetters, vergelijkers en grenswaarden.
  • Blokkeren en gedwongen stand Een kanaal tijdelijk vastzetten, bijvoorbeeld terwijl er iemand aan de installatie werkt.
  • Handbediening De uitgangen zijn op het apparaat zelf te bedienen, ook zonder busspanning. Bij een storing krijg je zo altijd nog licht.
  • Terugmelding Het apparaat meldt zowel de schakelstand als de helderheid terug, zodat je scherm of app klopt met de werkelijkheid.
  • Beveiligd Bestand tegen nullast, kortsluiting en te hoge temperatuur, met een elektronische zekering en temperatuurbewaking.

Bij Gira kies je tussen Standard en Komfort. Dezelfde vermogens en dezelfde breedte op de rail. De Standard werkt met Gira One én met KNX. De Komfort is een KNX-apparaat met meer scènes per kanaal, eigen logica, de mogelijkheid kanalen te koppelen en zacht aan- en uitschakelen. Werk je met Gira One, dan is de Standard de juiste. Dat is dezelfde verdeling als bij de schakelactoren.

Veelgestelde vragen over KNX dimmen

Waarom flikkert mijn ledverlichting als ik dim?

Meestal omdat er te weinig vermogen aan het kanaal hangt. Een gewone dimactor werkt pas vanaf ongeveer 20 watt, en drie ledspots van 5 watt komen daar samen niet overheen. Andere oorzaken zijn een verkeerd dimprincipe of een ledlamp die wel dimbaar heet maar slecht samenwerkt met fasedimmers.

Wat is het minimumvermogen van een dimactor?

Bij een gewone universele dimactor rond de 20 watt. Bij een speciale led-dimmer ligt dat op ongeveer 2 watt, en dat is precies waarom die apparaten bestaan. Heb je kleine groepjes van twee of drie spots, dan is die led-dimmer de oplossing, of je gaat naar DALI.

Wat betekent fase-aansnijding en fase-afsnijding?

Een dimmer knipt honderd keer per seconde een stukje uit de netspanning. Bij aansnijding haalt hij het begin van elke golf weg, bij afsnijding het eind. Een wikkeltransformator wil aansnijding, een led-driver of elektronische trafo wil afsnijding. De universele en zelflerende dimactoren bepalen dat zelf.

Waar staan de letters R, L en C voor?

R staat voor weerstand, oftewel gloeilampen en halogeen. L staat voor spoel, dus de ouderwetse wikkeltransformator. C staat voor condensator, en dat zijn elektronische transformatoren en vrijwel alle led-drivers. Een RLC-dimmer kan met alle drie overweg.

Wat is het verschil tussen een RL- en een RC-dimmer?

Een RL-dimmer werkt met fase-aansnijding en is bedoeld voor gloeilampen, halogeen en wikkeltrafo's. Een RC-dimmer werkt met fase-afsnijding en is bedoeld voor gloeilampen, halogeen, elektronische trafo's en de meeste dimbare ledverlichting. Een RLC-dimmer doet allebei en kiest zelf.

Maakt het dimprincipe uit voor hoeveel led ik kan aansluiten?

Ja, en meer dan je verwacht. Op fase-aansnijding mag er bij een universele dimactor vaak maar zo'n 35 watt aan ledlampen hangen, op fase-afsnijding rond de 200 watt. Zelfde apparaat, zelfde kanaal, bijna zes keer zoveel verlichting. Daarom stelt zo'n dimmer zich bij led het liefst op afsnijding in.

Wat gebeurt er als ik de verkeerde manier van dimmen gebruik?

Dat merk je de eerste avond al. Een wikkeltrafo op afsnijding gaat hoorbaar brommen en wordt te warm. Een led-driver op aansnijding gaat flikkeren, dimt maar tot de helft of houdt er na een paar maanden mee op. Bij de universele dimactoren speelt dit niet, want die stellen zichzelf in.

Mag ik verschillende soorten lampen op één kanaal hangen?

Liever niet. Een kanaal kan maar één dimprincipe gebruiken, dus ledspots samen met een halogeenlamp op dezelfde uitgang levert vrijwel altijd problemen op: brommen, flikkeren of een driver die het begeeft. Houd per uitgang één soort verlichting aan.

Wanneer kies ik DALI in plaats van een dimactor?

Bij veel losse armaturen, bij verlichting waarvan de indeling nog kan veranderen, bij alles met kleur of instelbaar wit, en bij kleine groepjes spots waar je met een gewone dimactor onder het minimumvermogen zakt. Heb je vier lichtgroepen met gewone dimbare ledlampen, dan is een dimactor eenvoudiger.

Heb ik voor DALI extra bedrading nodig?

Ja. Naast de 230 volt loopt er een tweedraads DALI-bus naar elk armatuur. Die is niet gepolariseerd en mag in dezelfde mantel als de netspanning, maar hij moet er wel liggen. Bij nieuwbouw is dat een kleine moeite; in een bestaande woning is het meestal het struikelblok.

Wat is het verschil tussen een DALI-actor en een DALI-gateway?

Een actor werkt met broadcast: alles aan dezelfde DALI-lijn krijgt hetzelfde bevel. Een gateway werkt meestal met adressen, dus elk voorschakelapparaat is los aan te sturen. Bij broadcast bepaalt de bekabeling je groepen, bij adressering doe je dat in software. Er zijn ook gateways die broadcast doen, dus lees de omschrijving door.

Is broadcast genoeg voor mijn woning?

In veel gevallen wel. Je wilt meestal per ruimte of per zone dimmen en niet per spot. Woonkamer, keuken, hal en eetgedeelte zijn vier zones, en daar is een viervoudige broadcast-actor voor gemaakt. Heb je er meer nodig, dan is er ook een uitvoering met acht zones.

Hoeveel kan ik op één DALI-lijn zetten?

Maximaal 64 drivers per lijn bij een gateway met adressering. Bij een broadcast-actor met vier zones rond de 40 per zone, en bij een uitvoering met acht zones ongeveer 16 per zone. Let op dat het om drivers gaat en niet om lampen: achter één driver kunnen meerdere spots hangen.

Gaat het om lampen of om drivers?

Om drivers. Het DALI-adres zit in de driver en niet in de lamp. Dertig inbouwspots met steeds drie stuks aan één driver zijn dus maar tien adressen. Hoeveel spots er achter één driver passen, verschilt per merk en type en staat op de driver zelf. Spots achter dezelfde driver dimmen altijd samen.

Wat is het verschil tussen een Basic- en een Premium-uitvoering?

Een Basic-gateway schakelt en dimt, maar doet geen kleur. Een Premium- of Colour-uitvoering kan daarnaast instelbaar wit en gekleurde verlichting aansturen, en heeft meestal meer mogelijkheden in de programmering. Voor gewoon wit licht is Basic precies genoeg en scheelt het in prijs.

Wat betekent apparaattype 8 of DT8?

Dat is de aanduiding voor kleur. Je hebt het nodig voor instelbaar wit en voor RGB of RGBW. Het moet aan beide kanten kloppen: staat DT8 niet op je driver, dan kun je die alleen dimmen, hoe geschikt je gateway of actor ook is.

Wat is het verschil tussen 1-10 volt en 0-10 volt?

In de praktijk gaat het om hetzelfde stuursignaal en gebruiken fabrikanten de aanduidingen door elkaar. Bij 1-10 volt gaat de lamp met het stuursignaal alleen naar zijn laagste stand en niet uit. Daarom zit er bij deze apparaten altijd een relais in dat de 230 volt onderbreekt.

Kan ik ook dimmen zonder dimactor?

Alleen als het armatuur zelf dimbaar is via een eigen systeem, zoals Philips Hue. Dan bedien je dat via je bedieningsapparaat of via een server. Wil je gewone 230 volt verlichting dimmen, dan heb je altijd een dimactor, een 1-10 volt eenheid of een DALI-apparaat nodig.

Werkt het licht nog als de bus uitvalt?

Je kunt in elk geval bijsturen. Op de dimactoren zitten knoppen voor handbediening waarmee je een kanaal direct aan of uit zet, ook zonder busspanning. Bij de DALI-apparaten is er bovendien een broadcast-stand waarmee alles tegelijk te bedienen is voordat er iets geprogrammeerd is.

Kan ik per merk kijken wat er is?

Ja. Naast de indeling op manier van dimmen hebben we per merk een eigen overzicht: Gira, ABB Busch-Jaeger, Jung en Hager. Daar staan de dimactoren, DALI-apparaten en 1-10 volt eenheden van dat merk bij elkaar. Handig als je verdeler al van één merk is.

Kan ik dit zelf installeren?

Nee. Deze apparaten zitten op 230 volt in de verdeler, en dat is werk voor een erkend installateur. Het programmeren gaat bovendien met ETS, de betaalde standaardsoftware van KNX. Bekijk onze installatieservice en programmering als je dat wilt uitbesteden.

Bekijk het in onze showroom

Of een lamp mooi wegdimt of op tien procent begint te knipperen, zie je pas als het brandt. In onze showroom in Capelle aan den IJssel laten we verschillende combinaties van armatuur en dimmer zien, zodat je weet wat je koopt.

Voor uitgebreid advies raden we aan vooraf een afspraak te maken, zodat we rustig de tijd voor je kunnen nemen.

Hulp nodig bij het kiezen van de juiste dimmer?

Stuur ons een lijst met je verlichting: hoeveel armaturen per ruimte, welk vermogen per stuk en of ze DALI, 1-10 volt of gewoon dimbaar zijn. Dan zeggen wij welke oplossing past, of je aan het minimumvermogen komt en hoeveel kanalen je nodig hebt.

Bekijk onze dienst domotica samenstellen, of onze installatieservice en programmering. Werkt er al iets niet meer, kijk dan bij onderhoud, storing en uitbreiding. Je kunt ook gewoon contact met ons opnemen.

Kies je KNX dimoplossing

Dimactoren, DALI en 1-10 volt van Gira, ABB Busch-Jaeger, Jung en Hager.

Bekijk alle dimoplossingen Laat het samenstellen Contact opnemen